Zoeken
  • Nanda Otten

The circle of grief.

Bijgewerkt: 15 jul 2020

Jongens, eerst een borrel! Er staat nog wijn in de koelkast en mamma had het zo gewild hè. Kling kling kling, de glazen tegen mekaar: ‘‘Proost op mamma!’’ Een groot gevoel van opluchting vulde de kamer. Ze had het leven losgelaten en hoefde niet meer te vechten, ze had eindelijk rust. Ik had het met mamma er wel eens over gehad, hoe dat ‘dood gaan’ zou zijn. Mijn moeder had haar eigen moeder ook zien sterven en zei dat het helemaal niet eng was. Zo eigenwijs dat ik was, geloofde ik dat niet direct. Ik moest dat eerst nog maar eens zien. Maarja moeders hebben natuurlijk altijd gelijk, zo ook deze keer.

Die borrel die we hadden ingeschonken, smaakte me niet. Ik deed heel erg mijn best om me groot te houden en het glas leeg te drinken, maar de opluchting maakte langzaam ook plaats voor een soort schuldgevoel. Is het niet gek dat ik me opgelucht voel? En heb ik het allemaal wel goed genoeg gedaan voor haar? De volgende dag wilde ik het feit dat ze was overleden niet helemaal onder ogen komen. Ik schoot namelijk direct in standje overleven. Natuurlijk was ik verdrietig, maar de uitvaart moest ook goed geregeld worden. De spreker van haar crematie zal vast gek geworden zijn van mij. Na ieder mailtje die hij stuurde, kreeg hij er weer 1 terug van mij voorzien met een lading feedback, arme man haha. In mijn ogen moest echt alles perfect zijn. Op de dag van de crematie heb ik het muurtje van ontkenning volledig laten zakken. Het besef dat ze echt was overleden, begon langzaam een plekje te vinden in mijn hoofd. Haar afscheid was prachtig, precies zo als het moest zijn. Ik herinner mij nog op de terugreis naar huis in de auto te zitten en hardop te vragen: ‘Oké, en nu dan? Wat moet ik nu gaan doen?’

Mijn vrienden en familie gingen die maandag na de crematie natuurlijk gewoon weer aan het werk. Terug naar de orde van de dag, maar ik kon dat niet want mijn leven stond stil. Ik zat op dat moment in het eerste jaar van mijn nieuwe studie en daarnaast had ik een bijbaantje bij een vakantiewinkel. Het idee dat ik ‘alleen’ in de trein naar school moest, vond ik al eng. En het vooruitzicht dat ik iemand met een glimlach moest helpen om hun vakantie uit te zoeken, stond mij helemaal niet aan. Gelukkig kwam er vanuit beide hoeken veel begrip en kon ik op mijn eigen tempo mijn ding doen.

Maar wat ‘mijn ding doen’ dan precies was? Nou, een mix van boos zijn, vechten (niet letterlijk hoor), verdrietig zijn en me depressief voelen met als uiteindelijk gevolg een soort ‘aanvaarding’. Dit waren eigenlijk precies de fases die je ook terug vindt als je googled: ‘Help ik moet rouwen, maar ik weet niet hoe het werkt.’ Al snel werd mij duidelijk dat wat ik voelde niet zo gek was en schreef ik elk fase uit en zette erachter hoe ik het beleefde. Dat zag er ongeveer zo uit:

- Boosheid

Wanneer iemand door heeft dat de persoon niet meer terug gaat komen, ontstaat er een gevoel van boosheid.

Ik was boos op de hele wereld. Hoe kon het nou zijn dat iedereen maar door ging met het leven en niet samen met mij een potje ging janken op de bank. Ik vond het belachelijk. (Gekkie was ik toen hoor!)

- Vechten

Je gaat doelen stellen voor jezelf.

Ik dacht dat ik ineens wel een fitgirl kon gaan worden. Zodat ik uiteindelijk een marathon kon gaan lopen voor het kankerfonds. (Ik ben de meest onsportieve meid die er volgensmij rondloopt op deze aardkloof.)

- Verdriet/depressie

Wanneer het bovenstaande niet helpt is het tijd om verdrietig te zijn.

Ik sloot me eigenlijk wat af van vrienden/familie. Ik liet niet veel van me horen of reageerde pas 2 weken later op een appje. (Ik heb er nu nog steeds een handje van, maar het is beter dan dat het was toch familie/vrienden?)

Ja die fases van het rouwproces sloten dus aardig aan op hoe ik alles ondervond. Het enige nadeel was het feit dat die fases bij mij dwars door mekaar heen liepen. Na een halfjaar dacht ik ook dat ik wel bij aanvaarding was aangekomen, maar dat bleek schone schijn. Daarom noem ik dat rouwen ook maar gewoon een rollercoaster.

Nu twee jaar later heb ik het gevoel er aardig te zijn, maar rouwen blijft wel altijd een ding. Het verdriet gaat nooit weg, maar het verandert wel. Zoals mijn vader altijd zo mooi zegt: ‘‘De scherpe randjes gaan eraf!’’ En weet je wat er dan overblijft? Vooral mooie herinneringen, waar ik in het begin alleen maar om kon huilen. En nu denk ik eraan terug met een glimlach en zo af en toe met een traan. Die herinneringen pakt in ieder geval niemand mij meer af en hou ik altijd bij me. Ze zijn niet waarlijk dood die in ons hart leven.




727 keer bekeken6 reacties
 

©2020 door Rouwrumoer. Met trots gemaakt met Wix.com